HopNu al bijna een week heeft een hop een tijdelijk plekje gevonden in de omgeving van Waddinxveen. Iedere dag zie ik de mooiste foto's verschijnen, hoor ik enthousiaste verhalen van waarnemers die deze tropisch aandoende vogel hebben kunnen observeren. Jaren geleden zat er ook een hop in de buurt van Katwijk, nabij de watertoren. Die had ik toen gemist. Ook op Texel wordt hij vaak waargenomen, maar altijd op een moment dat ik er net niet ben. Nu dus de kans om deze sierlijke vogel eindelijk eens in het vizier te krijgen. Let's go to the hop.

 

 

Hop

Rond half drie in de middag op donderdag 23 september arriveer ik op de plaats waar hij volgens waarneming.nl moet zijn. Geen twijfel mogelijk, een best wel grote groep vogelaars staat met camera's en telescopen te gluren naar deze bijzondere verschijning. Al gauw krijg ik de hop ook in beeld. Aanvankelijk vrij dichtbij, maar helaas neemt hij steeds meer afstand van de toekijkende toeschouwers. Maar toch genoeg momenten om de vogel te fotograferen. Uiteindelijk meer dan 300 opnames. Daar moet dan toch iets goeds tussen zitten. Ondertussen valt mijn oog op twee jagende boomvalken. Een valkje vliegt vlak boven mijn hoofd, duikend achter een houtduif. Een mislukte vangst. Maar wel een foto. Later komt ook een sloom aanvliegende buizerd de boel wat opvrolijken. Wel nodig, want de hop is opgevlogen en neergestreken ver achter het veldje met de alcapa's. Voor mij een goed moment deze plek te verlaten. Met een goed gevoel naar huis, eindelijk de hop mooi kunnen zien. Nu op naar huis, hop. hop. 

Boomvalk

Op maandag 20 september sta ik in alle vroegte op. Mijn google-home wekker gaat af om 5.00 uur. Oeps, dat valt even niet mee. Maar hup, hup, uit bed en maak je klaar! De Oostvaarders Plassen wachten op je. Al dagen in spanning of het weer mee zal werken, maar alle pijlen wijzen de goede kant op. Snel wat eten, dan de auto in, met kijker, telescoop en camera. Op naar de burlende herten en wie weet een zeearend of visarend. Wensen genoeg.

BurlenRond kwart voor zeven kom ik aan op de Grote Praambult. De zon is nog niet op, best koud en weinig licht. Maar genoeg ligt om in de verte een grote groep herten te zien. Goed luisteren, of de stieren ook burlen. Ik hoor niets, te grote afstand. Maar ik zie door mijn telescoop wel een stier met open bek. De damp komt eruit. Hij is vast aan het burlen. De hinden lopen er zenuwachtig omheen. Wat een gaaf gezicht. Ver weg, maar toch indrukwekkend. Minder opwekkend is de kale vlakte die ik moet aanschouwen. Af en toe nog wel een boompje, maar het lijkt wel een savanne. Op een van de boompjes zit een buizerd nog wat te doezelen. Een groep spreeuwen vliegt over, een aanvliegende bruine kiekendief vliegt vlak voor me langs. Een heerlijk begin van de dag. Nog niemand aanwezig verder, alleen met de natuur om mij heen. Dat voelt heel rijk.

Bruine KiekendiefNa een tijdje ga ik naar de Kleine Praambult. Daar is niet zoveel te beleven. Wat zilverreigers heel ver weg, wat zwarte kraaien. Een andere vroege vogelaar arriveert. Hij weet me te vertellen van twee leuke kijkhutten hier vlakbij, de Poelsnip en de Krakeend. Dat worden dus mijn volgende bestemmingen. Ondertussen wordt het al wat lichter. Ben heel benieuwd naar deze twee kijkhutten. 

 

ZeearendEven voorbij het wegraster zie ik zowel links als rechts van de weg twee ingangen, afgesloten met een houten hek. Ik wandel eerst richting de Poelruiter. Links en rechts van het wandelpad wemelt het van koolmezen, pimpeltjes en staartmezen. Verder de nodige fitissen en al gauw de eerste atalanta-vlinders. Ik kom aan in de hut. Nog niemand aanwezig. Wat een rust en wat een mooi uitzicht. Al gauw valt mijn oog op een grote roofvogel in een van de bomen in de buurt. Wat een joekel. Zou het .....? Door het tegenlicht is er alleen sprake van een silhouet. Ondertussen wordt mijn aandacht ook getrokken door een zwartkop in de struiken, een cetti's in het riet en een roepende grote bonte specht. Dan weer mijn blik op de rover in de boom. Tegelijkertijd komen nog twee bezoekers de hut binnen. Het blijken trouwe bezoekers te zijn van deze hut. Als ik wijs op de grote roofvogel, weten zij me van alle twijfel af te halen, het is de daar vaak zittende zeearend. Nog een vrij jong exemplaar. Wat geweldig, zo vroeg op de dag al oog in oog met de zeearend. Het wordt nog mooier, het kolossale beest stijgt op en maak een rondje over de plas. Gaat rakelings over de hut. Mijn camera ratelt achter elkaar. Daar moet een mooie foto tussen zitten. Ik blijf zeker nog een half uurtje in de hut.
Grote zilverreiger

Zie de nodige grote zilverreigers passeren. De aalscholvers zwemmen in groepen op zoek naar de nodige vissen, die hier behoorlijk in aantal aanwezig zijn. Dan maar weer verder, op naar de volgende hut, aan de andere kant van het water.

 

 

WitgatjeHet is meer een kijkscherm dan hut, maar ook hier is het uitzicht mooi. Veel eenden, in overgangskleed, dus moeilijk op naam te brengen. Veel krakeenden en slobbies. Opeens wordt mijn aandacht getrokken door een steltlopertje. Komt recht op het scherm af, maar een zwaai en landt op de slikrandjes. Een witgatje, eindelijk nu eens goed in beeld. Niet te verwarren met de oeverloper. Ze hebben wel wat van elkaar. Beiden met een druk bewegende staart. Gaaf! Verder nog een verdwaalde lepelaar en steeds meer atalanta's. Op naar de volgende hut, de krakeend.

 

BuizerdOp weg naar deze hut kom ik puttertjes tegen. Kleurrijke acrobaatjes in de distels. Verder weer een cetti's. Overvliegende spreeuwen. In de hut zitten nog twee vogelaars. Ze attenderen me op een roofvogel. Een buizerd, of toch een visarend? Een ruigpoot misschien? Wat zijn die buizerds toch lastig in het veld. Iedere keer een ander verenpak. Ikzelf hoop op de vaststelling van een visarend. Maar er is te veel twijfel. En later zou blijken, terecht. Ondertussen komen twee lepelaars steeds dichter bij de hut. Zo kan ik ze goed observeren. Prachtig. Verder weer heel veel eendjes, aalscholvers en atalanta's. Na een uurtje ga ik weer verder, nu op weg naar het bezoekerscentrum nabij de kijkhut de Zeearend.

LepelaarsHelaas, het bezoekerscentrum is op maandag gesloten. Dan maar even gauw kijken bij de kijkhut de Kluut. Helaas, geen kluten. Nou ja, hoe kan dat nou. Wel veel slobjes, talingen en alies. Ik wandel terug, veel atalanta's en een prachtige libel (steenrode heidelibel?). De kijkhut de Zeearend wordt opgeknapt. Dan maar naar de Schollevaar. Dat betekent een heel stuk lopen. Wie weet baardmannetjes onderweg. Ik hoor ze wel, maar ik zie ze niet. Wel de nodige kneutjes en een vrouwtje rietgors. Ook leuk. In de kijkhut ontmoet ik weer de nodige mensen, onder andere een ervaren natuurforser, werkzaam voor Staatsbosbeheer, maar doet ook aan de inventarisatie van vogels en ringslangen in dit gebied. Ze geeft me veel info over dit gebied. Ondertussen vliegen er groepen lepelaars voorbij, heel veel grote zilverreigers. Een bruine kiekendief in de verte. Ik kan hier wel uren blijven, maar ik moet de tijd in de gaten houden. Ik wil ook nog even naar de Grauwe Gans.
De nodige atalanta's begeleiden me weer naar de auto.

De Grauwe Gans valt dit keer tegen, het water staat erg hoog, dus geen sleltlopertjes. Alleen veel eenden en een grote groep lepelaars. Als die gaan vliegen, levert dat toch wel weer een mooi plaatje op. Maar verder niet veel te zien, dus op weg naar mijn laatste stop, de parkeerplaatsen langs de Oostvaardersdijk.

Casarca'sDe eerste parkeerplaats levert niet veel bijzonders. Een paar eenzame lepelaars en wat eendjes. Dus gauw verder naar parkeerplaats twee. Daar is duidelijk veel meer te zien. Enorme hoeveelheden eenden, meeuwen, kluten, lepelaars en wat zilverreigers. Dan opeens valt mijn oog op een groepje eenden, wat verscholen achter de rietpluimen. Dat zijn geen gewone eenden, maar casarca's. Deze eendjes zie je niet zo vaak. Prachtig gekleurd. De baardmannetjes laten zich hier helaas ook niet zien. Je kan ook niet alles zien. Er moet nog wat te wensen over blijven. Goede reden om nog eens terug te keren naar dit unieke gebied in Nederland, de Oostvaarders Plassen.

 

Spreeuwen 

 

Donderdag 29 juli zou de enige zonnige dag van de week worden. Genoeg reden dus om er even op uit te gaan. Dit keer de bestemming de Nieuwe Driemanspolder, nabij Zoetermeer. De afgelopen tijd kreeg ik al heel wat leuke waarnemingen door. Zo zouden er steltkluten zijn waargenomen een ook zomertalingen. Toch geen alledaagse soorten.

VisdiefjeRond half zeven in de ochtend stap ik de auto uit op de parkeerplaats bij de Nieuwe Driemanspolder. Onmiddellijk zie ik de "huis"torenvalk biddend over de graslanden, op zoek naar een lekker muisje. Er vliegen grauwe ganzen over, een visdiefje suist vlak boven mijn hoofd. Geen slecht begin van de dag. Ik ben niet de enige (jammer genoeg), want ik zie twee jonge knapen op een brommer over het dijkje rijden, gewapend met telescoop. Ze rijden in een recreatiegebied, blijkbaar is deze vorm van vervoer toegestaan. Maar voor de vogels niet ideaal als bezoekers zich hier zo mogen verplaatsen. Als ze mij zien, rijden ze trouwens snel weg. Slecht geweten?

 

Gele kwikstaartIk wandel eerst vanaf de parkeerplaats naar het rechter gedeelte. Een van de eerste verrassingen van deze dag is de aanwezigheid van een geoorde fuut. Ik zie ook wat klein spul, maar kan niet ontdekken of het jonge fuutjes zijn. Leuk is het groepje putters dat van struik naar struik op zoek is naar voedsel. Door de harde wind laten ze zich slecht zien, ze duiken diep de begroeiing in. Ik wandel verder, geniet van het mooie licht (blauw licht van de ochtend) en stuit al gauw op de eerste gele kwikstaarten. Ik vind het altijd tropische verrassingen, deze sierlijke vogeltjes. Ze fladderen om me heen, het lijkt wel of ze me in de gaten houden. Iedere stap die ik verder zet, lijken ze te volgen. Continu laten ze hun bekende korte roepje horen. Ik kan er niet genoeg van krijgen om deze fladderaars te observeren. En er zijn er zoveel. Op Texel had ik in het voorjaar ook al zoveel gele kwik, maar hier zijn er echt tientallen. Gedurende de hele ochtend zal ik deze vogels zien. Ondertussen vliegen er de nodige oeverlopertjes tussen de eilandjes, een lepelaar vliegt recht boven mijn hoofd. Gauw een plaatje schieten! Verder zie ik tureluurs, dodaars en heel veel meerkoeten. Veel jonge spreeuwen, een jong rietgorsje, van alles vliegt er rond. Wat is het hier genieten. Dat ervaren ook de bezoekers van dit gebied die ik tegen kom. 

LepelaarIk loop een rondje door deze polder, blijf soms lekker lang hangen bij een plasgebiedjes waar tureluurs, oeverlopertjes, kluten en een groenpootruiter zich laten zien. Grote Canadese ganzen bakkeleien met elkaar, onder toeziend oog van de krakeenden en andere grondelaars. En steeds weer vliegen de gele kwikstaarten om me heen, jonge exemplaren, volwassenen met voer in hun bek. Fel gekleurde mannetjes, vale juvenielen. Echt genieten hier. Een groepje kneutjes duikt in de struiken. Een eenzame groenling mengt zich tussen de puttertjes. Het kijkscherm weet ik helaas niet te vinden. Waarschijnlijk ongemerkt voorbij gelopen. Te veel op de kwikkies gelet. Als je klikt op de volgende link, kun je een opname zien van de gele kwikkies. Niet door mij gemaakt hoor, maar staat gewoon op Youtube: gele kwik in de Nieuwe Driemanspolder

Uren kan ik hier wel blijven, zo mooi is het. Voor sommigen misschien nog een kale boel. Maar voor vogels een heerlijk foerageergebied. Dat weet de torenvalk ook, die ik na afloop weer tegenkom bij de parkeerplaats. Heerlijk op zoek naar de muizen. Als ze tenminste niet opgegeten zijn door de hermelijn en wezel, die hier ook aanwezig zijn. De steltkluten en de zomertaling heb ik niet gezien, maar ach, genoeg andere mooie soorten gezien. Vogels komen nu eenmaal niet op bestelling.

Pas na vijf uur stap ik de auto weer in, 650 foto's rijker. Puf, die moet ik thuis dus nog gaan bekijken en bewerken. Niet allemaal hoor, want 90 % van de foto's gaan zo de digitale prullenbak in. Maar niet deze heerlijke natuurbeleving, die deel ik graag met jullie.

Oeverloper

 

Woensdag 18 augustus gaat mijn Google wekker om 5 uur af. Tijd om op te staan en me klaar te maken voor een bezoek aan de Zevenhuizerpolder. In de omgeving van dit vogelrijke gebied verblijven al een tijdje steltkluten. Via andere natuurliefhebbers heb ik al de mooiste foto's voorbij zien komen. Nu wordt het tijd dat ik deze hoogpotigen zelf onder ogen krijg. Wie weet kom ik ook nog leuke andere soortjes tegen.

SlaapplaatsRond half zeven kom ik aan op de plek waar in de buurt de steltkluten moeten zitten. Vol spanning fiets ik in de richting van het plasgebied. Het eerste wat me opvalt is de enorme groep grauwe ganzen, lepelaars, kemphanen en andere steltlopers die hier blijkbaar hebben overnacht. Een mede vroege opstaander, gewapend met kijker, wijst me de steltkluten aan. Niet een, niet twee maar liefst vijf steltkluten lopen hier tussen de veel grotere ganzen door. Wat een prachtig tafereel. De vogels zijn wel onrustig, want in de verte horen we de knallen van de blijkbaar aanwezige jagers hier in de buurt. Genieten hier, ik kan er niet genoeg van krijgen om de steltkluten te observeren. Wat een elegante vogels zijn dit toch. Mijn favoriete steltlopers. Opeens vliegen, na de zoveelste knal in de verte, de ganzen, lepelaars en zwanen de lucht in. Ook de aanwezige kieviten gaan met een hoop kabaal er vandoor.

SteltkluutDe steltkluten blijven echter gewoon doorgaan met foerageren. Opmerkelijk toch? Ik krijg nu echt de kans om de vogels mooi met elkaar te vergelijken, vrouwtje, mannetje, juveniel. Allemaal aanwezig. Ik heb hier zeker een uur gestaan. Op aanraden van een vogelaar daar aanwezig (Vincent) fiets ik mee naar een gedeelte van de Zevenhuizerplas. Daar zou een roerdomp zich regelmatig laten zien.

 

 

RoerdompWe hoeven niet lang te wachten, al gauw zien we een roerdomp jagend lopen tussen het riet. Een tweede (indringer?) landt ook op deze plek en blijkbaar wordt dit niet zo gewaardeerd door zijn soortgenoot. Dreigend werpt hij zijn blik om de nieuwkomer, die al gauw wegduikt in het riet. We gaan rustig zitten in het gras en al gauw komt de roerdomp weer te voorschijn. Geheel beeldvullend op mijn display van mijn camera schuift hij langs me heen. Wat een unieke ervaring. Ook hier blijf ik zeker een half uur observeren. Vincent moet naar zijn werk en ik besluit nog even verder dit gebied in te gaan. Een andere bezoeker wijst me op de aanwezigheid van een ransuil. Geheel in een populierbosje opgegaan. amper waar te nemen. Maar toch leuk. Een staartmeesje laat zich beter bekijken, tussen een grote groep jonge pimpelmezen. Ik fiets verder en kom nog van alles tegen. Een dodaars nog in prachtkleed (best laat), zwaluwen (oever, huis- en boeren-) en een jagende torenvalk.

Wat is dit een mooi gebied. Hier moet ik vaker naar toe. Maar het probleem is, er zijn zoveel mooie gebieden in de Randstad. Een luxe probleem waar ik de volgende keer weer naar toe ga.

Dodaars

 

Al weken gonst het van de berichten over Woudaapjes in Zuid-Holland. Zeker op twee plaatsen worden ze bijna dagelijks waargenomen. En dat niet alleen, het betreft ook broedgevallen. Voor mij dus de hoogste tijd om die gebieden te bezoeken. Omdat deze soort onder embargo staat, kan ik helaas niet de precieze locatie vermelden.

WoudaapRond half zeven (ja, echt waar, zo vroeg) kom ik aan op de plaats van bestemming. Ik ben de eerste, wat ik ook hoopte. De afgelopen tijd zijn er heel veel fotografen naar deze plek gekomen om een glimp van deze bijzondere rietvogel op te vangen. Na tien minuten komt er nog een vroege vogelaar kijken. Samen turen we het water af, horen dan opeens het typische geluid van de woudaap. Ik sta helemaal op scherp. Zal ik hem dan echt vandaag zien? 

 

 

WoudaapVlak voor mij, op ongeveer 20 meter afstand, zit een mannetje woudaap op een rietstengel te "blaffen". Een paar minuten blijft hij zo zitten. Grappig om te zien, hoe zijn lichaam schokt bij de geluiden die hij voortbrengt. Dan ineens vliegt hij weg. Maar gelukkig heb ik hem vast kunnen leggen op mijn trouwe Canon camera. Dan weer een hele tijd wachten, luisteren. Ik hoor wel weer zijn typische geblaf, maar zien gaat nog even niet lukken. Er komen nog een paar enthousiaste vogelliefhebbers kijken, bepakt met telescoop en camera. Ik loop wat heen en weer bij het watergebied. Dan ineens komt manlief woudaap weer aanvliegen. Hij duikt in het riet. Wat er dan gebeurt is geweldig. Plots komen een drietal woudaapjongen met hun koppies boven het riet uit en proberen van pa wat voedsel te krijgen. Een beetje gedrang, wat gehap en .... vader vliegt alweer weg.

Kleine karekietDan weer een hele tijd niets. Ik bestudeer een kleine karekiet in het riet (want daar hoort hij te zitten) en zie een waterhoentje met een viertal jonge pullen. Wat een leuk gezicht. Een aalscholver vliegt over, een visdief zoekt naar visjes en een ekster laat zich horen. Een groepje grauwe ganzen vliegt over.

En dan opeens verschijnt er weer een woudaap. Wat bijzonder, komt van een hele andere plek dan waar ik de vorige in het riet zag wegduiken. Van een ervaren vogelaar hoor ik, dat er twee mannetjes aanwezig zijn in dit gebied. Alle twee proberen ze indruk te maken op het vrouwtje en een van de twee zal toch ook voer voor de jongen moeten aanleveren. De tweede man woudaap vliegt vlak voor mijn neus weer het riet in. Maar gelukkig heb ik hem nu ook vliegend op de foto.

Na vier uurtjes houd ik het voor gezien. Een hele ervaring rijker. Woudaapjes niet ver van Leiden, wie had dat ooit durven dromen. Wie weet, nemen ze net als de nu talrijke zilverreigers in aantal toe. De klimaatveranderingen hebben gelukkig ook nog een enkel voordeeltje, vogels uit het warme zuiden kruipen op naar het noorden. Zo zien we steeds meer Franse en Spaanse fladderaars.

Woudaap